Boekentip: ‘De nieuwe schoolstrijd’

Toen het nieuws bekend werd dat Barbara Moens een boek over onderwijs aan het schrijven was, werd m’n interesse meteen aangewakkerd. Ze staat bij mij bekend als één van de beste politieke journalisten van ons land en heeft er persoonlijk voor gezorgd dat ik De Tijd ben beginnen lezen. Die krant is echt goed in de juiste toon en bondigheid te kiezen wanneer het over gewichtige zaken gaat. Wat minder opinie en analyse, wat meer feitelijk en overzicht, ik heb dat wel graag.

Moens schrijft vaak over onderwijsthema’s en wat daarrond gebeurt in het Vlaams Parlement. En laat dat net zijn wat me ongelooflijk kan boeien. Dat ze een historisch overzicht probeert te geven van de schoolstrijden in ons land én een blik op de toekomst werpt, is dan ook als gesneden koek.

In mijn lerarenopleiding zaten er tijdens de vakken “pedagogie” wel stukjes van die geschiedenis en dan vooral hoe we dat moeten plaatsen als individuele leerkracht. Maar een gedegen perspectief zoals een historica dat heeft, dat kregen we verre van mee. “Monard” kwam wel voorbij en wat het gevolg daarvan was, maar hoe dat allemaal kwam en hoe dat nog nazindert: no fucking clue.

Dat maakt “De nieuwe schoolstrijd” tot een ongelooflijk boeiend én belangrijk boek. In amper 200 pagina’s word je door de geschiedenis van de katholieken tegen de vrijzinnigen geloodst en begrijp je beter waarom een identitaire partij als N-VA zo gebrand zit op het ministerschap. Je krijgt inzicht in hoe de koepels en netten ontstaan zijn, wat ze nu doen en wat daar de kansen en uitdagingen rond zijn.

Het boek is gespekt met stukjes uit interviews die de journaliste afnam met mensen die belangrijk zijn voor het onderwijs: Crevits als minister, Boeve als baas van de katholieke koepel, Verdyck van het gemeenschapsonderwijs en diverse parlementsleden. Dat leest vlot weg en maakt het allemaal tastbaar.

Het probleem, maar ook het leuke aan onderwijs is dat echt iedereen ervaringsdeskundige is: je ging zelf immers naar school. Daarnaast hebben ouders ook een mening over hoe die school hetzelfde/anders moet zijn voor hun kinderen. Je komt er sowieso mee in aanraking, dus kan je het maar beter begrijpen.

Zwaar aangeraden.

A Philosopher’s Definitive (And Slightly Maddening) Case Against (VAR) Replay Review

James Darcy op Deadpool:

This is the Sorites Paradox, and it has been central to discussions of vagueness for over a thousand years. The name is derived from soros, the Greek word for heap, because early versions of the paradox were often constructed using the term “heap.”

Climate change is about how we treat each other

Eric Holthaus op The Correspondent:

Surely the only way to begin is to reckon with the gravity of this moment, reconnect with our shared humanity and forge on together. In the words of US President John F Kennedy, we must do these things not because they are easy, but because they are hard. Slowing down planetary collapse is the hardest thing we may ever have to do as a species, but it is also – unequivocally – the most important.

“Alles oké?”

We vragen het graag aan elkaar: hoe het is, of hoe het gaat. “Goed, goed,” is dan meestal het snelle, makkelijke en sociaal wenselijke antwoord. Al is het leven een grote interne strijd. Misschien is dat zelfs het enige waar het uiteindelijk om draait.

Een paar dagen geleden kwam ik op deze “self care checklist” uit, met als titel “Everything Is Awful and I’m Not Okay: questions to ask before giving up”. En wat een zalig lijstje is me dat.

Op school of later tijdens de lerarenopleiding hebben we daar nooit les over gehad, laat staan dat daarover gebabbeld werd. Als ge u niet goed in uw vel voelt, dan is dat vooral uw eigen probleem. Of zo komt dat toch over in “onze Katholieke Europese cultuur”. Zo nog net geen Britse “stiff upper lip”, maar gevoelens en welbevinden: hou het vooral voor uzelf.

Ik sta niet gekend als de meest enthousiaste persoon, ik ben verre van een spring-in-het-veld. Tijdens het middelbaar was dat helemaal geen issue, niet dat ik toen anders was, maar ik viel ten minste niet op, waardoor leerkrachten en medestudenten me grotendeels lieten zijn. (Da’s toch de droom van elke puber? Om gewoon te “zijn”, zonder meer.)

Later in het leven zorgde die houding er net voor dat ik begon “op te vallen”. Groepswerken aan de hogeschool moesten verdeeld worden en de meest huppelige medestudenten waren van “oh super, dit” of “ah zo geweldig, dat”. Ik liep er meestal bij met een houding van “goh, ja, ’t moet om een diploma te halen, dus het maakt niet zo heel veel uit of ik er warm van wordt of niet”. Het zinnetje “Davy moet ge eerst een beetje leren kennen,” dook toen ook voor het eerst én veelvuldig op.

Op de werkvloer kom ik het ook meer en meer tegen: zo van die collega’s die verser van de schoolbanken komen, die als een wervelwind komen enthousiast doen over hun ding en zich daar compleet in verliezen. Allemaal goed, maar tegelijk gebeurt een andere helft van hun werk niet – dat deel waar ze niet warm van worden. En dat past in mijn hoofd niet. Het is tenslotte nog altijd uw job om dat wél te doen.

Een paar weken geleden hadden we een “teamdag”, want zo moet dat met je collega’s. En een deeltje daarvan was complimentjes bedenken en uitdelen aan mekaar. En dan komt het ook daar weer terug: “droogkloot”, onder andere. De Philippe Geubels onder de chiromensen. Een karikatuur van een persoon, waar daarna alles als een puzzel in past.

Ik ben niet de meest enthousiaste spring-in-het-veld, maar als ik ergens voor ga, dan zorg ik ook wel gewoon dat het in orde komt. Dan moet het niet altijd met glitters, toeters of bellen zijn, “gewoon goed” is ook al genoeg. Je kan daarop bouwen, je krijgt eerlijke feedback en een rationele houding, waar je volgens mij meer aan hebt dan aan oh’s en ah’s.

Maar dus: die checklist. Daar staan alle dingen in die ik in de afgelopen 31 jaar zelf ook ontdekte. Vooral dat eerste: van dat glas water drinken. Dat je jezelf de muren van zelftwijfel kan doen oplopen, gewoon door niet goed gehydrateerd te zijn. Elke keer ik aan mezelf begin te twijfelen, of het narratief dat anderen soms opzetten begin te volgen, dan drink ik gewoon een groot glas water en dan gaat het eigenlijk allemaal ineens beter…