Dat eerste ritje met de koersfiets <3

Heerlijk, die eerste echt warme lentedag. 17 graden stond er op de smartphone. 

En ik zat thuis te werken aan enkele longlist-to-do’s. Je weet wel: van die taken die ooit wel eens moeten gebeuren, maar waar geen echte strakke deadline (op korte termijn) voor is, en waar je zelf niet echt helemaal warm van wordt. Standaard probeer ik tussen een overuur en een overdag op te sparen. Dat is puur psychologisch: het geeft mij enkel en alleen het gevoel dat ik voorsprong heb, dat ik niemand iets verschuldigd ben en ook wel enige trots dat ik toch al ietsje meer heb gedaan dan strikt noodzakelijk.

Dan is zo’n dag als vandaag eentje vol met twijfel. Want die taken, die kunnen eigenlijk wel wachten. Maar dat goeie weer, gecombineerd met het thuiswerken, heeft zo’n grote lokroep om op de koersfiets te kruipen.

En dat deed ik dan ook.

Enfin, ‘t is te zeggen, eerst de koersfiets van de zolderkamer halen, waar die de winter doorbracht op een set rollen. De fietspomp uit de kelder gehaald om de banden terug stevig en strak te zetten. De helm achter enkele dozen in de garage gaan opdiepen en de fietskleren onderaan de sportbak zoeken. En snel de Apple Watch nog wat bijladen.

En dan was het zover: de eerste kilometers met klikpedalen, lycra en helm op echt asfalt van het jaar. Een zaligheid voor zij die het herkennen. En ook altijd een beetje spannend: heeft het materiaal de winter goed overleefd, kan ik het nog en vooral de vraag naar je eigen conditie.

Dat ik ondertussen zo’n 10 kilogram kwijt ben tegenover augustus vorig jaar, dat voel je. Vlot 23 kilometer per uur trappen (ja, ik ben een mega-amateur, go sue me, ik had ook in de zetel kunnen hangen) waar dat vroeger een serieuze opdracht was. Het fusiestation van Kontich-Lint bereiken en oprechte goesting hebben om de fietsostrade richting Lier te nemen. Dan weet je dat het goed zit.

Die fietsostrade langs het spoor tussen Lint en Lier is een serieus onderschat stukje fietsweg. Het maakt voor mij ook het parcours mooi en gevarieerd tussen twee spoorbaantjes en de oevers van de Nete, met een ongekend laag aantal interacties met auto’s.

Toen ik in Lier aankwam kon ik het niet laten om even een foto te nemen met de Zimmertoren, want wat moet je daar anders doen? En het is een mooi aandenken op het einde van het wielerjaar om nog eens door de beelden te gaan die je onderweg wist te schieten.

37 kilometer (Strava-linkje) voor een doordeweekse rit: daar moest ik vroeger serieus mijn best voor doen in ‘t begin van ‘t jaar. Veel verder dan de 25 kwam ik dan in de eerste maand niet. De benen, het lijf maar vooral het hoofd voelen goed. Voor het komende weekend ziet het weer er serieus minder uit: regen en niet warmer dan 13 graden. Dus wat ben ik ongelooflijk blij dat deze rit al in de benen zit.

Want, ja, de koers komt eraan!

Laat een reactie achter

Geef een reactie