Death and taxes

Volgens het bekende gezegde zouden er maar twee zekerheden zijn in het leven: de dood en belastingen. Tel daar in ons land ook maar verkiezingen bij. Tot oktober was het lang geleden dat ze nog eens waren gepasseerd, zo lang zelfs dat de gedachte aan de “grootmoeder aller verkiezingen” enige weemoed teweeg bracht.

Deze stembusslag gaat eindelijk nog eens ergens over en dat komt vooral door de uitslag van de vorige. Er werd toen geen klassieke tripartite gevormd waar de centrumpartij ook effectief in het midden van het beleid staat, maar een centrumrechtse – “Zweedse” – variant. En dat was weldegelijk een belangrijk maatschappelijk feit, omdat de partijen zich verenigde over rechts. De basis was niet het nastreven van het algemene, gematigde midden. De overheid koos kant, net zoals in de dagen van paars(-groen).

Zo’n beleid dat overhelt naar een bepaalde kant heeft z’n voordelen, vooral omdat het afsteekt tegen de grijs aanvoelende beslissingen die een middencoalitie neemt. Vanuit een vrees om mensen tegen de borst te stoten wordt in zo’n samenstelling niets moedig, noch extreem gedaan. De roepers aan de zijkant zullen er wel zijn, en bepalen voor een stukje ook mee wat er gebeurt, zolang de gematigdste 65% van de bevolking zich er maar niet aan stoort.

Vrij spel dus om eens goed van leer te trekken op je eigen ideologie, zou je denken. Maar ook dat is niet waar: de overheid is – gelukkig – een logge tanker. En het systeem van “checks and balances” dat in het DNA van de Verenigde Staten werd opgenomen toen ze zich afzetten van de Britten, werd ook in onze democratie een beetje overgenomen. Bij ons ziet dat er vaak uit in de vorm van verdragen en akkoorden die we ondertekenden, zoals die van de mensenrechten.

Toch werden er enkele stappen gezet die afwijken van het grijze midden. En laat dat net de inzet van deze verkiezingen zijn: wijken we verder af naar de kant waarheen we nu gaan. Krijgen de centrumrechtse spelers vrij spel om hun keuzes te bestendigen en, daar waar ze het nodig achten, verder uit te diepen? Als het antwoord op die vraag voor u “nee” zou zijn, dan zijn er nog steeds twee opties open: moet de overheid dan terug die middenpositie innemen, of hellen we over naar de andere kant?

Het tweede, bijvoorbeeld een gespiegelde variant van de huidige meerderheid, zou ons mogelijks leiden naar een Belgische politiek die er eerder Brits of Amerikaans zou uitzien: een ideologische kant (links of rechts, conservatief of progressief) zou de dienst uitmaken, waarna de andere kant weer een keertje mag en op die manier vlakt het ook voor de gematigde meerderheid uit. Een kant waar de bestaansreden van een middenpartij weleens serieus op de helling zou komen te staan.

Veel keuze daarin hebben we niet, dat zal ook het spel van onderhandelingen na de verkiezingen zijn. Al ben ikzelf geneigd te kiezen voor een meer gematigde, of gelijk verdeelde samenstelling binnen een regering. Waarbij ook binnen de rangen van het beleid moet gezocht worden naar consensus, niet over welke mate van ideologische zuiverheid te bereiken, maar over hoe links én rechts de problemen baas kunnen.

Een veel saaiere politiek. Minder mediageniek en bijgevolg onwaarschijnlijker in deze tijden. Maar misschien wel iets om eens over na te denken.

Disclaimer: Ik werkte gedurende zes jaar voor Groen en zal ook dit jaar op hen stemmen.

Laat een reactie achter

Geef een reactie