Michael Jackson’s Influence Cannot Be Canceled

Stephen L. Carter op Bloomberg:

The very inwardness of cancel culture creates its moral appeal. The movement becomes more insidious, however, when it marches beyond the borders of nonparticipation and into the realm of prohibition. This has arguably happened in young adult fiction, where social media campaigns can lead to the postponement or even cancellation of a title. That’s a bad result, in part because books themselves, in their infinitely provocative diversity, are a good; but also because the movement is then engaged in trying to make unavailable to everybody else whatever its own members would prefer not to read. History teaches that “No one should have access to the things I hate” is a dangerous claim.

Dagje ziekenboeg

Ons Mille wordt vandaag 1 jaar. Een volledig jaar dat die al bij ons is, seg.

Vorig weekend begon ze wat hangerig en slapjes te zijn. Niet abnormaal voor kindjes van haar leeftijd die naar de crèche gaan. Maar leuk is natuurlijk anders.

Zondag kwamen oma en opa op bezoek, ze hadden haar al enkele weken niet meer gezien. En dan is zo’n wantrouwend en passief kind toch ook niet alles, zeker gezien de grote verplaatsing. Maar tijdens hun aanwezigheid fleurde ze weer op en het gaf ons goeie moed om ze maandag toch naar de crèche te brengen.

Woensdag was ze echt niet goed, maakte ze weer koorts en boekten we een afspraak bij de kinderarts. “Net geen longonsteking,” was het verdict. Antibiotica en aerosol op het programma. En tot het weekend zeker niet naar de crèche.

Dus bleef ik vandaag thuis van ’t werk. Een zieke verjaardag, je gunt het niemand, maar dan ga ik zeker niemand van de familie of van de CM vragen om op te passen.

Ze kreeg deze morgen haar eerste cadeautje: een zak dieren.

En ze fleurde weer helemaal op, maakt geen koorts en is heel speelgek. Dus deze middag de koets in en op pad, op jacht naar een tweede cadeautje. Helemaal klaar voor de drie finales van de komende tijd:

Zo’n dagje extra thuis, ik had er meer nood aan dan ik dacht. Toch nog eens nadenken over een 4/5e schema.

Dr. Rodney McKay

Kent ge ‘t?

Ge begint aan een nieuw (voor ons) seizoen van Suits op de Netflix en ineens zit daar een acteur waarvan je denkt “die ken ik keigoed van ergens” maar dat je niet weet waarvan?

En dat ge dan de IMDb opensmijt? De enige website die ik nog gebruik die in mijn allereerste maand ooit op het internet ook al bestond.

Bon, die acteur blijkt ene David Hewlett te zijn.

Nee, het zei me ook niks. Tot ik “Dr. Rodney McKay” zag staan en m’n hartslag eentje oversloeg. Ge weet wel, den deze:

Ja, van Stargate, zowel SG-1 als Atlantis. Van 2001 tot 2009 speelde hij die rol. Series die mijn tijd als student in Leuven kleurden.

Hoe hard ik dat nog eens van begin tot einde zou willen zien. Met Major Carter en Teal’c. En met John Sheppard en Ronon – die van Game of Thrones later – Dex.

Indeed.

The Tinder Svindler

Ongelooflijk verhaal van een con artist op Tinder door deze Zweedse journalisten. De man vliegt in privéjets, rijdt in Ferrari’s en slaapt in de sjiekste hotels met nieuwe dames, terwijl de kosten worden gemaakt op kredietkaarten van z’n vorige slachtoffers. De man loopt nog steeds vrij rond, ondanks klachten en veroordelingen in verschillende landen.

Ook technisch sterk gemaakt, dit stuk.

Status as a Service (StaaS)

Zowat het beste wat ik dit jaar al las op het internet, deze post van Eugene Wei. Als is het wel een serieuze long-long-longread.

It’s difficult to overstate what a momentous sea change it was for hundreds of millions, and eventually billions, of humans who had grown up competing for status in small tribes, to suddenly be dropped into a talent show competing against EVERY PERSON THEY HAD EVER MET.

Wow, that post over there has ten times the likes that my latest does! Okay, what can I learn from it to use in my next post? Which of my content is driving the most likes? We talk about the miracles of machine learning in the modern age, but as social creatures, humans are no less remarkable in their ability to decipher and internalize what plays well to the peanut gallery.

For any single user, the stickiness of a social network often correlates strongly with the volume of social capital they’ve amassed on that network. People sometimes will wholesale abandon social networks, but it’s rare unless the status earned there has undergone severe deflation.

The ‘Momo challenge’ isn’t a viral danger to children online. But it sure is viral.

The Washington Post:

Momo was perfectly tuned to set off alarms in the mind of any parent: There’s something online that you don’t know about, and it’s about to kill or traumatize your child. Just one problem: There’s little evidence to confirm that the Momo challenge is real. Although multiple deaths are often attributed to the challenge in warnings about it, none has been confirmed.

The Guardian:

Childrens’ charities have said well-intentioned warnings from schools about a seemingly non-existent threat may have inadvertently caused young people to be genuinely scared by what was previously a hoax.

The Atlantic:

Worried parents share these hoax stories relentlessly on Facebook, Twitter, and Instagram. They beg the platforms themselves to do something to fix the mess. Many parents believe that spreading awareness about the latest dangerous craze will help kids stay safe, but they could very well be doing the opposite.

Young climate strikers can win their fight. We must all help

George Monbiot op The Guardian:

This one has to succeed. It is not just that the youth climate strike, now building worldwide with tremendous speed, is our best (and possibly our last) hope of avoiding catastrophe. It is also that the impacts on the young people themselves, if their mobilisation and hopes collapse so early in their lives, could be devastating.

En net daarom is de reactie van Jinnih Beels (sp.a), zéker als progressief, maar ook als schepen van onderwijs in een grote centrumstad, zo misplaatst. Jongeren spijbelen niet enkel, ze identificeren zich ook echt met deze actie. Laat ons geen cynische generatie opvoeden, alstublief.

Dat eerste ritje met de koersfiets <3

Heerlijk, die eerste echt warme lentedag. 17 graden stond er op de smartphone. 

En ik zat thuis te werken aan enkele longlist-to-do’s. Je weet wel: van die taken die ooit wel eens moeten gebeuren, maar waar geen echte strakke deadline (op korte termijn) voor is, en waar je zelf niet echt helemaal warm van wordt. Standaard probeer ik tussen een overuur en een overdag op te sparen. Dat is puur psychologisch: het geeft mij enkel en alleen het gevoel dat ik voorsprong heb, dat ik niemand iets verschuldigd ben en ook wel enige trots dat ik toch al ietsje meer heb gedaan dan strikt noodzakelijk.

Dan is zo’n dag als vandaag eentje vol met twijfel. Want die taken, die kunnen eigenlijk wel wachten. Maar dat goeie weer, gecombineerd met het thuiswerken, heeft zo’n grote lokroep om op de koersfiets te kruipen.

En dat deed ik dan ook.

Enfin, ‘t is te zeggen, eerst de koersfiets van de zolderkamer halen, waar die de winter doorbracht op een set rollen. De fietspomp uit de kelder gehaald om de banden terug stevig en strak te zetten. De helm achter enkele dozen in de garage gaan opdiepen en de fietskleren onderaan de sportbak zoeken. En snel de Apple Watch nog wat bijladen.

En dan was het zover: de eerste kilometers met klikpedalen, lycra en helm op echt asfalt van het jaar. Een zaligheid voor zij die het herkennen. En ook altijd een beetje spannend: heeft het materiaal de winter goed overleefd, kan ik het nog en vooral de vraag naar je eigen conditie.

Dat ik ondertussen zo’n 10 kilogram kwijt ben tegenover augustus vorig jaar, dat voel je. Vlot 23 kilometer per uur trappen (ja, ik ben een mega-amateur, go sue me, ik had ook in de zetel kunnen hangen) waar dat vroeger een serieuze opdracht was. Het fusiestation van Kontich-Lint bereiken en oprechte goesting hebben om de fietsostrade richting Lier te nemen. Dan weet je dat het goed zit.

Die fietsostrade langs het spoor tussen Lint en Lier is een serieus onderschat stukje fietsweg. Het maakt voor mij ook het parcours mooi en gevarieerd tussen twee spoorbaantjes en de oevers van de Nete, met een ongekend laag aantal interacties met auto’s.

Toen ik in Lier aankwam kon ik het niet laten om even een foto te nemen met de Zimmertoren, want wat moet je daar anders doen? En het is een mooi aandenken op het einde van het wielerjaar om nog eens door de beelden te gaan die je onderweg wist te schieten.

37 kilometer (Strava-linkje) voor een doordeweekse rit: daar moest ik vroeger serieus mijn best voor doen in ‘t begin van ‘t jaar. Veel verder dan de 25 kwam ik dan in de eerste maand niet. De benen, het lijf maar vooral het hoofd voelen goed. Voor het komende weekend ziet het weer er serieus minder uit: regen en niet warmer dan 13 graden. Dus wat ben ik ongelooflijk blij dat deze rit al in de benen zit.

Want, ja, de koers komt eraan!